Het Echec

24 oktober 2011 - Agadir, Marokko

We zullen maar meteen met de deur in huis vallen: we kappen ermee. Niet voorgoed, maar voor dit moment hebben we het wel even gehad. Een klein rampje heeft zich voltrokken. Van alle dingen die kapot konden gaan, is het bij het meest vervelende onderdeel gebeurd: de zwartwatertank! Ter verduidelijking voor de minder ingevoerde mensen: dat is de tank waar onze ontlasting in opgevangen wordt als we van het toilet gebruik maken. Dat zo'n tank kapot gaat is op zich natuurlijk al erg, maar het wordt pas een ramp als die tank bij wijze van spreken in je huiskamer staat!

Nog amper een week geleden, wist ik nog niet wat ik in dit verslag zou moeten zetten. Wat kun je immers vertellen over een zon-zee-strandvakantie, waarbij de ene dag rimpelloos overgaat in de andere, net zo rimpelloos als het water van het zwembad op de mooie camping Terre d'Océan in Taghazout, zo'n 20 kilometer noordelijk van Agadir? Of de over camping El Barco pal aan zee gelegen in het plaatsje Sidi Ifni, waar we ook nog een paar dagen hebben gestaan? Na deze dagen van heerlijk nietsdoen waren we helemaal klaar voor de etappes door Westelijk Sahara en Mauritanië. Dat dachten we tenminste, maar op maandag 17 oktober jl. begon de wereld er voor ons snel anders uit te zien. Allereerst begon ons Mannetje weer kunsten te vertonen, die we niet op prijs konden stellen. Net als onderweg van Marrakesh naar Agadir, begon hij nu ook weer in te houden, op momenten, dat er weer iets van hem gevraagd werd. Het toerental kwam met moeite boven de 2.000 toeren, normaal is 2.500, resulterend in een snelheid van amper 60 km p/u. We besloten om in Laayoune, de laatste grote plaats voor Mauritanië, weer een garage op te zoeken. Zo'n 60 kilometer voor Laayoune kwamen we Gerard en Marloes(Rondje Afrika) tegen. Uiteraard zijn we gestopt en hebben we onder het genot van een door Gerard(die andere dus) gezet bakje koffie wat nader kennisgemaakt en informatie uitgewisseld. Dat wil zeggen: zij hebben ons van heel veel informatie voorzien. Ook informatie, die we liever niet gehoord hadden, maar wat voor ons wel van cruciaal belang was: aan de grens van Mauritanië kun je geen visum meer kopen, dat moet je in Rabat halen bij de ambassade! Nu hadden we diverse websites geraadpleegd, waaronder die van de Lonely Planet en op basis van die informatie de stellige indruk gekregen, dat de situatie aan de grens weer genormaliseerd zou zijn. Niet dus. Met Gerard en Marloes nog overlegd wat ons te doen stond: doorrijden en op ons gelukkige gesternte vertrouwen, met de auto heen en terug naar Rabat, zo'n kleine 3.000 km, of een retourtje met het vliegtuig vanaf het vliegveld van Laayoune? Toen we afscheid namen was de beslissing nog niet genomen, maar onze gedachten gingen toch al snel uit naar de laatste optie.

18-de-garage

Maar eerst dus een garage opgezocht. Weer zo'n bedrijfje wat nauwelijks de naam garage verdient. Maar goed, als ze al dat andere oude spul aan de praat kunnen houden, moet het met ons Mannetje toch ook lukken, nietwaar? Gezegd moet worden, dat ze hun taak zeer serieus oppakten. Het hele brandstofsysteem hebben ze open gehad tot en met de verstuivers toe. Maar ze begonnen ook dingen open te schroeven, die gezien de weerbarstigheid van de moeren, in geen jaren los waren geweest en dat vond ik toch wat minder. Hoe dan ook, na een half dagje sleutelen loopt ons Mannetje weer als een zonnetje, maar voor de mensen die achter ons rijden vindt er een complete zonsverduistering plaats, zoveel roet wordt er uitgebraakt, vooral als er bijvoorbeeld bergop hard gewerkt moet worden. Na een dag rijden kun je ook bijna niets meer van de auto aanraken of je hebt smerige handen!

Na het bezoek aan de garage zijn we naar het lokale vliegveld gegaan en geïnformeerd naar onze mogelijkheden. Die bleken niet al te ruim voorhanden. De volgende dag, aan het eind van de middag was de eerstvolgende vlucht naar Casablanca, maar er waren alleen in de business class nog stoelen beschikbaar. En uiteraard wordt daar de hoofdprijs voor gevraagd. Op donderdagmiddag konden we dan een retourvlucht krijgen in de Economy Class, hetgeen volgens de dame uitzonderlijk was, want normaal moest je minstens een week van tevoren reserveren. Vanuit Casablanca moesten we dan de trein nemen naar Rabat. In de veronderstelling, dat de ambassade een 24-uurs procedure kende, een veronderstelling mede gevoed door onze zegsvrouw, hebben we toegehapt en de tickets gekocht. We zullen jullie niet vermoeien met cijfers, maar voor het bedrag dat we moesten betalen, vlieg je tegenwoordig toch al gauw heen en terug naar Amerika.

19-tijdelijke-parkeerplaats

Woensdagochtend stonden we al om half negen op de stoep van de ambassade in Rabat. We waren niet eens de eersten en wat ons nog meer verwonderde: het loket was ook al open. Meteen werden wij op straat aangesproken door weer zo'n behulpzame regelaar. Of we ook een kopie van ons paspoort hadden? Niet? OK, geen probleem hoor, aan de overkant van de straat bij die winkel, kun je ze laten maken. En by the way, als je wilt kun je ook vandaag je visum al krijgen, uiteraard tegen een extra betaling. Omdat we ons al zorgen maakten over het strakke tijdschema, hebben we meteen onze interesse getoond voor deze optie. De regelaars waren zeer behulpzaam bij het beantwoorden van de lang niet altijd even duidelijke vragen. Ondertussen werd ons de procedure uitgelegd. Je paspoort gaat gewoon via het normale circuit de ambassade in. Daarvoor krijg je een bewijs van ontvangst mee. Dit bewijs nu geef je aan de regelaar en in de loop van de middag komt je paspoort er via een andere, clandestiene deur weer uit. Diezelfde middag nog, niet later dan 14.00 uur, zouden we ons paspoort weer terug hebben, zo werd ons beloofd. Bij het inleveren van het paspoort heb ik nog een paar keer gevraagd naar een officiële versnelde procedure, maar die was er niet. Sterker nog: de standaard procedure bleek tegenwoordig 48 uur in beslag te nemen. We hebben toen maar gauw ja gezegd tegen onze regelaar.

Dan breken de uren van wachten en zenuwen verbijten aan. Je hebt je overgeleverd aan een clandestien circuit en zit van alles te bedenken, wat er fout zou kunnen gaan. Als het eindelijk twee uur is, wordt de spanning bijna helemaal ondraaglijk. We hadden in een café afgesproken en als hij er om bijna half drie nog niet is, wordt het ons teveel en lopen we naar de ambassade. Gelukkig, de regelaars zijn er allemaal nog, ook de onze. Nog 10 minuten, hooguit een kwartier, zo wordt ons verzekerd, maar dat betekent zoveel als "kan nog wel even duren", zo hebben we inmiddels geleerd. We leren ook, dat nog zo'n zeven a acht man van deze procedure gebruik gemaakt hebben. Eindelijk om ca. 16.00 uur is het zo ver: een auto stopt, een pakketje wordt overhandigd aan iemand in een net pak, die we nog niet eerder gezien hebben. Paspoorten worden uitgedeeld en meteen door ons gecontroleerd; het lijkt allemaal te kloppen. De nodige bankbiljetten verwisselen van eigenaar en eindelijk kunnen we ons gang gaan en nog wat van Rabat gaan genieten We zullen echter nooit weten of we met dit visum ook de grens mee over gekomen waren, want het visum zal verlopen zijn, voordat we in Mauritanië zijn, want ....

…… dan is het vrijdagmorgen 21 oktober, 's morgens om 07.00 uur op de parkeerplaats van de luchthaven van Laayoune, waar we overnacht hebben. Het gebruikelijke ochtendritueel vindt plaats en Wil gaat als eerste naar het toilet. Zelf zit ik nog wat slaperig op de rand van het bed in afwachting van mijn beurt. Dan gebeurt het. Wil spoelt door en meteen klinkt er een doffe knal en zie ik met verbijstering hoe een bruine vloed zich een weg zoekt door onze "woonkamer". Aanvankelijk was ik als verlamd, maar na een paar seconden ga ik snel naar buiten om de schuif open te trekken, zodat niet alle vuiligheid binnendoor loopt. Aan alle kanten druipt de viezigheid uit ons Mannetje en de stank is enorm. Daar sta je dan ‘s morgens vroeg in je onderbroek op de parkeerplaats van een vliegveld, met de spetters op je benen, terwijl mensen langslopen op weg naar hun werk. Christoffel moet nog geslapen hebben, want zoveel pech .....

26-60-liter-drek

Na de ergste ravage binnen eerst opgeruimd te hebben, zijn we naar de 60 km noordelijker gelegen camping Le Bedouin gegaan. Daar hebben we de bevestiging gevonden van wat we al vermoedden: de tank is gescheurd.  Een goed bed en een eigen toilet, dat waren voor ons de twee belangrijkste eisen, die we aan ons "tweede huis" hebben gesteld. Nu een daarvan is weggevallen en dit niet 1-2-3 ter plekke kan worden opgelost, hebben we besloten om huiswaarts te keren.  Daar zal het probleem fundamenteel opgelost worden en na de jaarwisseling pakken we de draad weer op. Inmiddels zijn we terug op de camping Terre d ‘Océan. We blijven hier nog even genieten van het zomerse weer.

1-taghazout-terre-docean

Foto’s